Van garage tot gezondheidscentrum ( januari 2022)
Huisartsenpraktijk Keulemans & Geelen 20 jaar
Dit jaar 2022 bestaat Keulemans & Geelen 20 jaar. In deze tijd groeide de praktijk uit van een knusse dokterspraktijk in een woonhuis naar een grote, moderne praktijk in een breed zorgcentrum. Er is in die twintig jaar nogal wat veranderd. Tegenwoordig kunnen de patiënten van de praktijk er terecht voor veel méér dan alleen de huisartsenzorg van voorheen. Het jubileum is een mooi moment om eens te vragen aan Jeroen Keulemans en Jolanda Geelen hoe de praktijk tegenwoordig reilt en zeilt.
Patiënten van het eerste uur zullen het zich nog herinneren: de praktijk in de garage van het woonhuis aan de Overlangelstraat. Gerund door het artsenechtpaar Jeroen Keulemans en Jolanda Geelen en hun assistente van het eerste uur Trees.
Een enorm contrast met de huidige praktijk, waar naast het echtpaar nog zes artsen en acht assistenten werken en waar vandaag de dag één op de zes Reeshoffers staan ingeschreven.
Wat is er in twintig jaar allemaal veranderd?
Keulemans: “Je kunt beter vragen wat er niet is veranderd! Niet alleen de praktijk, maar ook de dokter, het complete zorgsysteem en zelfs de patiënten zijn veranderd in twintig jaar.”
“Klopt”, valt Geelen hem bij. “In 2002 hebben we een bordje in de tuin gezet met “Dokter” en zijn we eigenlijk gewoon gaan wachten op patiënten… Nou en die kwamen al snel, door het tekort aan huisartsen dat er toen ook al was. Na het eerste jaar hadden we al 2000 patiënten ingeschreven. Dat was echt een drukke tijd. Gelukkig hadden we toen nog geen kinderen…”
En hoeveel patiënten hebben jullie nu, na twintig jaar?
“Nu staat de teller op 8000”, aldus Keulemans. “Een normpraktijk in Nederland zit rond de 2000 patiënten. Onze praktijk is dus vier keer zo groot als dat. Toch kunnen wij de patiëntenzorg op een goed niveau houden. Juist omdat we zo groot zijn. We hebben veel meer ondersteunend personeel. Zeg maar ‘handjes’.”
Geelen: “Het is soms erg handig om in zo’n groot team te werken. Je kunt bijvoorbeeld makkelijker even met een van de andere dokters overleggen over een patiënt. Fijn, want twee dokters weten meer dan één.”
“Er zijn ook veel organisatorische voordelen aan het feit dat we een grote praktijk zijn geworden”, vult Keulemans aan. “We kunnen de patiënten nu van alles aanbieden wat echt niet mogelijk was geweest in die garage in de Overlangelstraat, met één assistente en alleen ons tweeën. Een voorbeeld daarvan is dat wij op de praktijk zelf bloedprikken. Dat kan je niet aanbieden als je maar een klein assistententeam hebt.”
Hebben jullie nog meer voorbeelden van wat er tegenwoordig extra mogelijk is in jullie praktijk?
Keulemans: “Zeker. Wij hebben tegenwoordig bijvoorbeeld avondspreekuren, speciale vrouwenspreekuren en allergiespreekuren. We kunnen een kinderpsychiater invliegen om eens mee te kijken als dat nodig is, maar ook komt hier vaak een Ouderenpsychiater voor casussen waar we zelf even niet uit komen. Die psychiater helpt ons dan op weg. En in de avond komt de radioloog echo’s doen.”
Geelen: “Door met vele handen goed samen te werken, ontstaat er synergie en meer ruimte voor dat soort ontwikkelingen. Neem bijvoorbeeld ons nieuwe Vrouwenspreekuur: onze assistente Myrthe draait dit spreekuur helemaal zelfstandig. Hiervoor heeft zij een aanvullende opleiding gedaan. Op de achtergrond kijkt er natuurlijk wel altijd een arts mee, die alles autoriseert wat zij doet. En omdat we met veel artsen zijn, kunnen we die kwaliteit goed regelen en borgen. Alles wordt uiteindelijk door een arts gecontroleerd en goedgekeurd. Dat geldt trouwens voor elke beslissing die hier wordt genomen. Met meer mensen kan je meer aan. Maar het is hier nog steeds wel zo dat wanneer er iemand uitvalt door ziekte of ander verlof, we meteen merken waar de rest van de zorg in Nederland ook last van heeft: krapte.”
Je kunt als patiënt tegenwoordig steeds meer zelf digitaal regelen. Gaan jullie daar ook in mee?
Keulemans: “Ja we gaan iets meer digitaal, inderdaad. Net als in andere sectoren kunnen ook wij moeilijker aan personeel komen, al lukt het ons tot nu toe aardig. Toch moeten we ook kijken naar wat de patiënt zélf kan doen, met digitale hulpmiddelen. In de toekomst zal er minder per telefoon worden gewerkt en meer per computer. Dat is in andere sectoren al heel normaal; kijk naar de banken. Bijna alles kan daar per app gebeuren. Op dit moment experimenteren we met een digitale assistente die we kunnen inschakelen als het te druk wordt aan de telefoon. Die assistente, wij noemen haar Nancy, neemt je vragen aan en vraagt ook door waar dat nodig is. En ze levert aan de “echte” assistentes een overzicht van het probleem, in de woorden van de patiënt die zelf vertelt wat er aan de hand is en wat hij precies wil. Als het dan even wat minder druk is aan de telefoon, bellen de assistentes de patiënt terug. Of als het erg eenvoudig op te lossen is, sturen ze een SMS.
De zorgvraag neemt overal toe, niet alleen bij ons. En het aantal mensen dat werkt, neemt af. Niet alleen bij ons. We moeten dus de computers te hulp roepen om ons te helpen waar maar kan. Daarbij zorgen we er natuurlijk wel voor dat we geen digitale geneesfabriek gaan worden. We zoeken naar de juiste mix: digitaal en innoverend waar het kan en menselijk en warm waar het moet. Door sommige zaken digitaal te maken die ook digitaal kunnen, komt er tijd vrij. En die tijd kunnen we aan onze patiënten geven waar dat het hardst nodig is.”
Klopt het dat jullie zelf tegenwoordig wel minder vaak aanwezig zijn in de praktijk?
Geelen: “Ja dat klopt inderdaad. Wij tweeën doen zelf iets minder spreekuur dan vroeger, vanwege onze veranderende rol. Dit moeten we ook vaak uitleggen en verdedigen aan vooral onze oudere patiënten in de praktijk en de mensen die al heel lang bij ons patiënt zijn. Maar we halen nog steeds de 40 uur per week hoor! Je moet het zo zien: eigenlijk hebben onze patiënten nu niet twee maar zes artsen. Als je een klacht hebt en het jou niet uitmaakt wie je helpt, dan helpt een van de andere artsen. Wil je per sé bij Jeroen of mij, dan kan dat. Maar dan zul je langer moeten wachten. En soms komt er zelfs dan nog opeens iets tussen waardoor we niet aanwezig kunnen zijn. We zien daarnaast al wel duidelijk dat de andere artsen hier hun eigen patiëntenpopulatie krijgen, waarmee ze een band opbouwen. Dat vinden we mooi om te zien.
Is de praktijk met 8000 patiënten nu vol? Of kan er nog meer bij?
Keulemans: “Qua aantal patiënten groeien we al niet meer sinds 2017. Dat is dus al vijf jaar geen groei eigenlijk. Dat heeft vooral te maken met het feit dat het huidige pand te klein is om de praktijk verder te laten groeien. Toen we hier nog maar twee jaar zaten, was het eigenlijk al te klein geworden. Omdat we dus steeds meer zorg op ons nemen en op ons bordje krijgen, groeien we (weer) uit ons jasje. Daarom gaan we verhuizen naar de overkant van het fietspad. Vanaf het fietspad tot aan de gemeentewinkel wordt allemaal praktijkruimte. Dat is een grotere ruimte dan we nu hebben en dan zouden we dus in theorie weer meer patiënten kunnen aannemen. De stad Tilburg zal ons dankbaar zijn als we dat doen, omdat er nu in Tilburg alleen al heel veel patiënten rondlopen die geen huisarts kunnen vinden. Maar omdat we eigenlijk al vier praktijken in één hebben opgericht, vinden wij dat wíj wel genoeg hebben bijgedragen aan de oplossing van dat probleem. Groei is uiteraard nooit een doel op zich, het is ons overkomen. Dus waarschijnlijk nemen we na de verhuizing ook geen nieuwe patiënten meer aan.
Of en wanneer die verhuizing doorgaat, weten we nog niet precies. Wanneer we meer weten, zullen we dit zeker op de website en in de praktijk laten weten.”
( Tilburg 2022)